item6

Onafhankelijke website voor liefhebbers van onderaardse kalksteengroeven.

contact

Dit artikel heb ik geschreven voor SOK mededelingen 45

Aangezien het een lang artikel is zal ik het over meerdere pagina's publiceren. Hier is deel een.

Inleiding
De smokkelgang, in het kreupelhout achter de "Roode Haan" die verbinding heeft met België; naar verluidt komt men, dit gangencomplex volgend direct bij de Duitse loopgraven uit. Deze ingang bevindt zich in den "Zonneberg" die met den "Lichtenberg" en "St Pietersberg" één geheel uitmaakt. Inwendig heeft men vorige week den toegang tot België opgeblazen. Dit is de begeleidende tekst bij een afbeelding in het weekblad De Prins in haar uitgave van 29 januari 1917.

Het artikel met de afbeelding van de ingang (figuur 1), dat ik van Peter Jennekens cadeau gekregen heb, had ik al een hele tijd op mijn bureau liggen, klaar om in mijn archief te worden opgeborgen. Maar het kwam er maar niet van, want de afbeelding bleef me intrigeren. De schrijver van het bijschrift heeft het namelijk niet zo nauw genomen met de waarheid en heeft enkele feiten door elkaar gehusseld. Of was het onwetendheid?

Deze ingang en zijn omgeving behoorde, voor hij werd afgegraven, misschien wel tot het interessantste gebied van de Sint Pietersberg. Aan de hand van enkele oude afbeeldingen, zoals prentbriefkaarten, foto's en krantenartikelen, probeer ik de in het bijschrift genoemde locaties te beschrijven. Tevens zullen er enkele zaken besproken worden die in verband staan met deze locaties.

De ingang op de afbeelding in De Prins
In het verleden lagen onder de ruïne Lichtenberg meerdere ingangen. Helaas is dit nu net het gebied, waar de voorlopers van de ENCI rond 1915 hun afgravingen begonnen. Het is dan ook alleen maar via overlevering, oude foto's en oude prentbriefkaarten mogelijk om een beeld te vormen hoe het landschap eruit gezien moet hebben.

Uit oude prenten blijkt in ieder geval, dat ten zuiden van de hoeve Lichtenberg tot het kasteel Caestert een tiental ingangen hebben gelegen. Maar de ingang uit het artikel in De Prins lag iets ten noorden lag van Lichtenberg, ongeveer onder de huidige schapenwei. Ik zal mij in dit artikel dan ook beperken tot de ingangen ten noorden van de hoeve Lichtenberg.

Oppervlakkig gezien lijkt de ingang, zoals te zien is op figuur 1, op de Zonnebergingang, voordat hij door een betonnen staketsel van al zijn charme werd beroofd. Maar het is niet de Zonneberg. Op de foto is namelijk nog nét een stukje spoorrail te zien en ligt er een bak van een transportwagon op zijn kop naast de ingang. Via de ingang van de Zonneberg heeft echter nooit een mergeltransport per spoor plaats gehad. Daarnaast zou de hoek, van waaruit deze foto genomen is, bij de Zonneberg zo goed als onmogelijk zijn geweest. Ook de uit (mergel?)blokken gemetselde muur achter de houten poort kwam niet voor in de ingang van de Zonneberg.

We weten dat in de hoek onder de ruïne Lichtenberg een ingang heeft gelegen. Deze ingang werd de Lichtenbergingang genoemd en het is bekend dat hij gebruikt werd voor het transport van "losse" mergel. Op diverse oude prentbriefkaarten van de ruïne Lichtenberg en haar omgeving is het transportspoor, dat nog net te zien is op de figuur 1, goed te zien. Daarom ben ik er dus zo goed als zeker van dat de ingang, die bij Lichtenberg lag de afgebeelde ingang in het artikel in De Prins was.

Afb1
Afb2
Afb3
Afb4a
Afb6
Afb5

De foto die de basis vormde voor dit artikel.

Deze prentbriefkaart is ten bate van het honderd jarig bestaan van de harmonie Sint Pieter door het uniformencomité in 1989 opnieuw uitgegeven. Het onderschrift luid: Nekami-groeve 1925. Mijns inziens is dit fout en handelt het zich hier om de Lichtenberg ingang.

Gezicht op de Ruïne Lichtenberg. Deze foto is gemaakt vanaf het balkon van het chalet. Dit café was in de stijl van een Zwitsers chalet gebouwd. Na de sloop, rond 1932, door de oprukkende cement industrie werdt op deze plaats de nog steeds bestaande directeurs woning "Vossen" gebouwd. Op de voorgrond is het naar rechts stijgende smalspoor te zien met links klaar voor het transport een stapel mergelblokken. Ter hoogte van de mergelblokken was ook de losse mergel stortplaats. In het midden is de Wilhelminaweg met haar beroemde tunnel te zien. Het pad dat halverwege de afbeelding naar rechts verdwijnt is de zogenaamde Ezelenweg. Dit pad liep naar de hoeve Lichtenberg. (collectie John Hageman)

Het Kanaal Maastricht-Luik omstreeks 1910. Op de voorgrond café Ogg met erboven nog nét het chalet Lichtenberg in beeld. Aan de linkerzijde is het begin van de Wilhelminaweg te zien met vlak ervoor de mergelhoop afkomstig van de hoger gelegen stortplaats. Vanaf deze plaats werd de losse kalkmergel in schepen verladen. Het café Ogg moest net als café de Roode Haan, wijken voor de mergelindustrie en werd in 1962 gesloopt. Het café lag ongeveer op de huidige parkeerplaats beneden aan de weg naar Slavante. Uiteraard kon men vanuit hier ook "de wereldberoemde grot" bezoeken. Frans Ogg verzorgde tijdens de winterperiode zijn rondleidingen vanuit zijn café en in de zomer vanuit het chalet Lichtenberg. (collectie Erik Lamkin)

Hetzelfde gebied enkele jaren later omstreeks 1916. De NAKAM heeft een loswal en een kalkoven onder aan de Wilhelminaweg, vlak naast café Ogg, gebouwd. (uit: 70 jaar ENCI, van mergel tot cement)

De winning en het vervoer van losse mergel
Het transportspoor liep ondergronds via één van de langste rechte gangen in het Slavante gangenstelsel, de zogenaamde IJzeren weg, naar een gedeelte aan de westzijde van het Sint Pietersberg gangenstelsel, dat bekend stond als "de Mingel". Een gedeelte van het stelsel "de Mingel" was 17e eeuws, maar het nieuwe gedeelte werd rond 1900 ontgonnen. Door deze lange gang liep later ook nog een elektrische leiding naar de ondergrondse ontginningen. Deze in de pilaren bevestigde ijzeren haken gaven de IJzeren weg zijn karakteristieke aanblik. Vóór ruwweg 1910 was het Frans de voertaal in Maastricht en Sint Pieter, zeker bij de gegoede burgerij. In het Frans heet een spoorweg un chemin de fer, een ijzeren weg. Het is dus duidelijk hoe deze gang aan zijn naam kwam.

De kiepkarren, waarin de mergel werd vervoerd, werden getrokken door paarden (de kleine, maar sterke paarden van het Ardenner ras) of geduwd door mankracht. Ongeveer een jaar lang heeft over dit smalspoor zelfs een stoomtreintje gereden. Eenmaal buiten aangekomen rolden de karretjes bergafwaarts richting het Chalet Lichtenberg, waar het spoor eindigde. Daar was een stortinrichting, waar de mergel via een stortgoot de helling werd afgestort en in schepen werd geladen, die in het kanaal Luik - Maastricht lagen.

De eigenaar van onder andere het Slavante stelsel was Edmond Crets, die rond 1889 begon met het ondergronds ontginnen van kalkmergel. Eerst volstond het verzamelen van de losse mergel, die achtergebleven was bij het blokbreken, maar al snel ging men over op ondergrondse ontginningen. Deze kalkmergel vond hoofdzakelijk aftrek in de glasindustrie en landbouw. Edmond Crets was behalve eigenaar van het chalet Lichtenberg en de hoeve Lichtenberg ook de opdrachtgever voor het aanleggen van de Koningin Wilhelminaweg. Deze markante weg, met zijn bekende tunnel (eigenlijk waren het twee kort achter elkaar liggende tunnels) werd op 16 juli 1903 geopend door koningin Wilhelmina. De ongeveer drie meter brede weg was in de massieve mergel uitgehouwen en voerde vanaf het kanaal zo'n 200 meter steil in zuidelijke richting omhoog en bereikte, na een bocht van 180 graden gemaakt te hebben, via de twee tunnels het Chalet Lichtenberg. Hij was bedoeld om het chalet makkelijker bereikbaar te maken voor kar en paard en de in opkomst zijnde automobielen. Maar eigenlijk was het gewoon een verkapte vorm van mergelwinning.

In 1917 ging Crets een contract aan met de Nationale Kalkmergel Maatschappij (NAKAM). De NAKAM had een Portland cementfabriek in Utrecht en transporteerde de kalkmergel met schepen over het kanaal Luik - Maastricht richting het noorden. Door dit contract komen de ondergrondse ontginningen pas goed op gang, met alle gevolgen van dien, want in 1917 vonden er enkele kleinere instortingen plaats. Deze instortingen ontstonden door de nietsontziende ontginningen, waarbij in de hoogte zoveel mergel werd weggenomen, dat op verschillende plaatsen het dragende dak zo dun werd dat het instortte. Staatstoezicht op de Mijnen sprak van roekeloos gedrag en reikte maar liefst dertig voorschriften uit aan de NAKAM. Het ontbreken van vakkennis was niet vreemd als men nagaat dat in het eerste jaar het personeelsbestand toenam van vier naar tachtig man. In 1919 werd de NAKAM wegens gebrek aan kapitaal opgeheven.

De Roode Haan
In de tekst bij de foto in De Prins werd al gesproken over de Roode Haan.

De Roode Haan was een herberg, die iets ten zuiden van de hoeve Lichtenberg aan het kanaal Luik-Maastricht lag. Deze herberg moet vroeger een bekende pleisterplaats zijn geweest want de naam "Roode Haan" duikt in diverse oude publicaties op. Gebouwd is het pand in 1717, niet lang erna moet het een herberg zijn geworden, maar het is zover ik kon nagaan niet bekend vanaf welke datum. De herberg had een speciaal logement voor de voermannen of passagiers van de trekschuiten, die de Maas bevoeren. Naast de herberg bevonden zich stallen voor de lastdieren. Haar naam dankte ze aan de vele bloederige hanengevechten, die er werden gehouden.

De herberg genoot grote bekendheid in Sint Pieter en omgeving, vooral door het lekkere koele bier dat hier werd geschonken. Dit bier werd bewaard in een kelder, uitgehouwen in "de berg" en was dus altijd lekker koel. Voor veel Maastrichtenaren was het een geliefd doel om naartoe te wandelen op een zondagmiddag. Veel bekende Maastrichtenaren vertoefden hier en de bekende Maastrichtse sociëteit Momus is opgericht in de Roode Haan. Ook de toenmalige berglopers kenden de Roode Haan, getuige enkele opschriften in de Sint Pietersberg.

Een honderdtal meters zuidelijker lag nog een herberg, genaamd "De Roode Hen" (hoen). Ook dit was een bekende herberg. Beide herbergen zullen, gezien de vele ingangen die boven deze herbergen lagen, een belangrijke rol hebben gespeeld als ontmoetingsplaats van (ondergrondse) smokkelaars. Helaas is er over deze tweede herberg erg weinig bekend.

Wél is bekend dat de Roode Haan in 1946 werd gesloten en kort erna ten prooi viel aan de slopershamer. De herberg moest wijken voor de fabrieksuitbreiding van de ENCI.

Ondergrondse mergelontginning. Deze afbeelding is waarschijnlijk op het einde van de IJzerenweg gemaakt. (uit: De Sint Pietersberg, Maastrichts silhouet)

caestert.net

  • Inhoud
  • Welkom
  • Blog
  • Foto's
  • Exclusief
  • Oude zaken
  • Wandelingen
  • Artikelen
  • Diversen
  • Links
  • Over mij
contact